Selecteer hier de onderwerpen en thema's die je interesseren:

Sport en drugs

Iedere week publiceert tijdgeestonderzoeker Farid Tabarki een column in Het Financieele Dagblad, over een breed scala aan onderwerpen. Thema’s zoals innovatie, de samenleving en het economische systeem komen hier aan bod. De column verschijnt ook wekelijks op onze website. Wil je meer columns van Farid lezen? http://fd.nl/auteur/farid-tabarki

Sport en drugs
7 februari, 2018

Wie denkt aan sport en verboden middelen, denkt vast ook aan Russische atleten die onder staatstoezicht aan de doping zijn. Maar daar wil ik het niet over hebben. Wél over de internationale topsport die regeringen mondiaal zouden moeten bedrijven om de belachelijke ‘war on drugs’ een halt toe te roepen.

Toch even naar de Olympische spelen. Nu onze nationale curlinghelden Jaap, Carlo, Laurens en Wouter zich niet hebben gekwalificeerd, bent u waarschijnlijk niet opgebleven voor de eerste curlingwedstrijden. Met andere sporten maken we wél een goede kans op medailles. Volgens databedrijf Gracenote zullen we er 18 in de wacht slepen, iets minder dan de 24 die de Oranjesporters uit Sotsji meenamen.

Steun van het Oranjelegioen kunnen ze dus goed gebruiken. Daarover maakte ambassadeur Lody Embrechts zich zorgen, en met hem De Telegraaf. ‘Géén drugs op Spelen!’ kopte de krant vorige week. En dat ging niet over doping. Nee, Nederlandse supporters wordt op het hart gedrukt vooral geen verboden middelen mee te nemen want, zo zegt onze diplomaat ter plaatse: ‘de controles zijn streng en de straffen zwaar’.

Onze minister van Justitie, Ferdinand Grapperhaus, wil leden van criminele organisaties ook graag strenger aanpakken. In een interview afgelopen zaterdag zegt de minister dat zijn aanpak ‘voor een belangrijk deel een war on drugs’ is. Hij stopt €100 mln in een fonds om de opsporing en bestrijding van deze tak van misdaad te bekostigen.

Dat helpt natuurlijk niets. Hoe illegaler het product hoe crimineler de productie en handel. In Portugal weten ze dat. In 2001 is de aanpak met 180 graden gedraaid en is het gebruik van soft- en harddrugs gedecriminaliseerd. Het directe gevolg: het aantal drugsdoden is gedecimeerd. De legalisering van cannabis in Uruguay laat eveneens hoopvolle resultaten zien. In de VS heeft de staat Oregon de verkoop van wiet inmiddels ook helemaal gelegaliseerd. De $85 mln die de ‘Beverstaat’ daarmee aan belastingen heeft opgehaald, komen ten gunste aan gezondheid, onderwijs, veiligheid en lokale overheden. In Nederland mag een coffeeshop wettelijk niet eens btw rekenen over de verkoop van wiet (immers een illegaal product).

Tijd voor een nieuw elan. Hoeveel medailles we in PyeongChang ophalen, is een kwestie van hard trainen en een dosis geluk. Het aantal drugsdoden en de vreselijke gevolgen van drugscriminaliteit is daarentegen een direct gevolg van beleid. Laten we het onderscheid tussen hard- en sof+tdrugs verlaten en Portugals standpunt omarmen dat er alleen een onderscheid bestaat tussen een gezonde en ongezonde omgang met drugs. Met andere landen die het anders aanpakken – naast Portugal en Uruguay ook Chili, Australië, Canada, Denemarken en zelfs Ghana – moeten we een internationaal offensief opzetten om de rest van de wereld te overtuigen van deze heilzame weg.

Het zal topsport worden.

Iedere week publiceert tijdgeestonderzoeker Farid Tabarki een column in Het Financieele Dagblad, over een breed scala aan onderwerpen. Thema’s zoals innovatie, de samenleving en het economische systeem komen hier aan bod. De column verschijnt ook wekelijks op onze website. Wil je meer columns van Farid lezen? http://fd.nl/auteur/farid-tabarki

Zegen of vloek
24 januari, 2018

Vaak wordt gezegd dat jongeren uitstekend met technologie kunnen omgaan en dat ze daardoor de wereld aan hun voeten hebben. Ze zijn inderdaad verdraaid handig met hun telefoon. Maar begrijpen zij én wij de mogelijke invloed wel goed, nu en in de toekomst? Zo kan techniek uitmonden in een zegen of een vloek.

Ik ben een groot bewonderaar van de serie Black Mirror op Netflix. De schrijver en bedenker, Charlie Brooker, wil ‘onderwerpen aansnijden die te maken hebben met de afhankelijkheid van de mensheid van techniek, om verhalen te maken die de manieren laten zien hoe we nu leven – en de manier waarop we over tien minuten leven als we onhandig zijn’. Door dat laatste schuift de serie richting horror.

In de aflevering ‘Shut Up and Dance’ van seizoen drie wordt een tiener die naar illegale porno kijkt, gechanteerd door iemand die stiekem door middel van malware meekeek. Vervolgens krijgt hij sms’jes met steeds extremere opdrachten die hij noodgedwongen uitvoert. Ik slaap normaal uitstekend, maar die nacht deed ik na het kijken geen oog dicht.

Onlangs werd seizoen vier online gezet. Daarin draait de aflevering ‘Arkangel’ om een kleine chip die een moeder bij haar kind heeft laten inbouwen, waardoor ze altijd kan meekijken én schokkende beelden bij het kind in real time kan ‘blurren’. In de pubertijd laat ze het product wijselijk buiten gebruik, maar als ze eens de verleiding niet kan weerstaan, zijn de gevolgen niet te overzien.

De twee voorbeelden staan dichtbij de realiteit. Online chantage is een groeiend probleem en in de VS is al een product te koop waarmee ouders hun kroost via gps kunnen volgen en afluisteren. ‘AngelSense’ kost maar $ 50 per maand.

Ouders willen hun kinderen helpen en begrijpen. Voortdurend met ze in contact staan, kan echter averechts werken. Ten eerste creëer je makke schaapjes die nooit ongezien in de fout kunnen gaan. Hoe moet dat als ze op een goed moment zelfstandig de grote boze wereld ingaan? Er zijn aanwijzingen dat het er nú al toe leidt dat jongeren minder goed contact met leeftijdgenoten maken. Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling is het aantal 15-jarigen dat gemakkelijk vrienden zegt te maken de afgelopen twaalf jaar in Nederland, Zweden en Duitsland met 5 tot 10%-punt gedaald.

Uit ander onderzoek blijkt dat jongeren minder drinken, minder roken en later met seks beginnen. Die eerste twee zaken zijn uitstekend. Toch betwijfel ik of we blij moeten zijn met een generatie van jongeren die nooit eens uit de band springen en buiten schooltijd elk half uur hun vader of moeder moeten appen waar ze zijn, of de kans lopen dat hun ouders meeluisteren met een romantische date.

Misschien wordt het tijd om kinderen het recht te geven op privacy, ook ten opzichte van hun ouders. Van fouten maken leer je het meest. Dat wordt de jongeren van nu wel heel moeilijk gemaakt.

Iedere week publiceert tijdgeestonderzoeker Farid Tabarki een column in Het Financieele Dagblad, over een breed scala aan onderwerpen. Thema’s zoals innovatie, de samenleving en het economische systeem komen hier aan bod. De column verschijnt ook wekelijks op onze website. Wil je meer columns van Farid lezen? http://fd.nl/auteur/farid-tabarki

Strategisch vernuft
17 januari, 2018

Carthago lag er eerder deze maand prachtig bij. Tegenwoordig is het een villawijk van Tunis, de hoofdstad van Tunesië, het land van mijn vader. Tot in de tweede eeuw voor Christus was Carthago een sterke stadstaat, de meest geduchte vijand van het Romeinse Rijk.

Militair historicus Theodore Ayrault Dodge noemde de Carthaagse generaal Hannibal de vader van de strategie. Hannibal bracht de Romeinse legioenen gedurende de Tweede Punische Oorlog jarenlang nederlagen toe en marcheerde met zijn beroemde olifanten vanaf het Iberisch schiereiland over de Pyreneeën en de Alpen. Bijna overmeesterde hij Rome. Een tegenoffensief van de Romeinse veldheer Scipio dwong Hannibal om terug te keren naar Carthago om zijn stad te verdedigen.

Een halve eeuw later gaf Scipio’s kleinzoon de stad de nekslag. Na een belegering van drie jaar nam hij Carthago in en vernietigde de stad volledig. Ongeveer 350.000 Carthagers werden vermoord, 50.000 in slavernij weggevoerd. Ben Kierman, directeur van het Genocide Studies Program aan de Yale-universiteit, noemt het de eerste genocide.

2150 jaar later zie je in Carthago vooral ambassadeursresidenties, dure restaurants en Mercedessen. Je zou door al die luxe bijna denken dat het uitstekend gaat met het land.

Ik wou dat het waar was, want het land waar de Arabische Lente zeven jaar geleden begon, verdient zo veel beter. Tunesië weet als enige land in de regio de transitie naar een volwassen democratie op de rails te houden. Dat pleit voor de politieke leiders. Toch is die overgang ook in Tunesië een proces van vallen en opstaan en van lange adem. Slechte economische vooruitzichten helpen daarbij niet.

Onder druk van het Internationaal Monetair Fonds heeft Tunesië ingrijpende voorwaarden bij een lening moeten accepteren. De belastingen zijn verhoogd en er is een ambtenarenstop van kracht. De Tunesiërs gaan weer de straat op, deze keer niet om de dictatoriale Ben Ali tot vertrek te bewegen, maar om de democratische regering tot de orde te roepen.

In 2016 investeerde het buitenland 5% minder in Tunesië dan het jaar ervoor; een jaar eerder was de daling al net zo groot. Door de voortdurende onrust ligt ook de toeristische industrie in het zonzekere land praktisch op haar gat. Deze neerwaartse spiraal is niet alleen voor Tunesië zelf rampzalig, het straalt uit naar de regio. Hoe moet het verder met Libië en Algerije, als het kleinere en homogene Tunesië het al zo slecht doet?

Het is dan ook hoog tijd, in het kader van beter laat dan nooit, voor een Marshallplan voor Tunesië: flinke investeringen vanuit Europa die ervoor zorgen dat het land economisch aansterkt en de democratie zich goed kan nestelen. Dat vergt een strategische aanpak.

Als anno 2018 de moderne Romeinen en Carthagers hun strategisch vernuft niet tegen elkaar uitspelen maar bundelen, gloort er hoop voor de hele regio.